Snoep voor duursporters

Snoep voor duursporters

23 april 2019 | DE STANDAARD

Snoep verkopen aan sporters, dat klinkt niet meteen als een strak plan. De Belgische snoepmaker Confidas ziet er nochtans een groeimarkt in. 

VAN ONZE REDACTEUR DRIES DE SMET

DRONGEN | In de productiehal van Confidas hangt de geur van verse confituur – en toch gaat hier geen enkel bokaaltje buiten. Met dezelfde ingrediënten – fruit en suiker – wordt hier pâte de fruits gemaakt, fruitsnoep. ‘Oorspronkelijk had de pâte de fruits hetzelfde doel als confituur: fruit bewaren voor de winter’, zegt Luc Aelterman (54), zaakvoerder van Confidas. Pâte de fruits vindt zijn oorsprong in de Auvergne, een streek in het zuiden van Frankrijk, waar het al meer dan duizend jaar gemaakt wordt.

Wielerwedstrijden bestonden toen nog niet, en plastic knijpflesjes al helemaal niet. ‘Ga de dag na bijvoorbeeld de Ronde van Vlaanderen eens langs het parcours kijken’, zegt Aelterman. ‘Dat ligt vol
met lege wikkels van energiegels.’

8 miljoen snoepjes

Vandaag wordt pâte de fruits – doorgaans in fruitvormpjes – vooral verkocht in pralinewinkels en bakkerijen. Maar Confidas hoopt dat de snoep vaker in de achterzak van de duursporter terecht zal komen. ‘Het is een bron van snelle energie voor duursporters. Onze snoeprepen voldoen aan dezelfde behoefte als energiegels. Maar ze zijn natuurlijk, makkelijk te gebruiken en lekker.’

Pâte de fruits bestaat voor minstens de helft uit fruit, suiker, glucosesiroop en pectine, een dikkingsmiddel dat gemaakt wordt van appels of citroenschillen. Confidas is de enige industriële producent van authentieke pâte de fruits in België, goed voor een jaarproductie van 135.000 kilogram. Dat zijn 8 miljoen snoepjes.

Aelterman nam het in 1982 opgerichte bedrijf twee jaar geleden over, na een lange carrière bij de frisdrankengigant CocaCola. Hij zwaaide er af als hoofd van de Europese onderzoeksafdeling.

“Aloude pâtes de fruits wordt bij Confidas een hippe snoepreep.”

Geen appel
Is het wel een goed idee om snoep te verkopen aan sporters? ‘Eigenlijk wel’, zegt Raf Van Dyck, sportdiëtist en verbonden aan de faculteit geneeskunde en gezondheidswetenschappen van de UGent. ‘Toch voor mensen met de ambitie om langer te sporten. Bij inspanningen van minder dan anderhalf uur is dat zinloos. Suiker wordt niet geassocieerd met gezondheid, maar tijdens een zware inspanning moet je geen appel eten.’

De ‘sportrepen’ die Confidas maakt, hebben in de regel dezelfde receptuur als de snoepjes die in de pralinewinkel of bakkerij verkocht worden. ‘We zitten al heel dicht bij een glucosefructoseverhouding van 2 op 1, en voor sporters is dat ideaal’, zegt Aelterman.

Dat bevestigt Van Dyck. ‘Wie tot twee uur sport, heeft 30 gram koolhydraten per uur nodig. Bij meer dan 2 uur is dat 60 gram. Maar grote dosissen kunnen tot darmproblemen leiden. Om diarree te vermijden, is de glucosefructoseverhouding belangrijk. Een verhouding van twee op één is optimaal, omdat mensen dubbel zoveel glucoseals fructosetransporters hebben.’

‘Zonder suiker ga je dood’
Van Dyck waarschuwt dat een verkeerde marketing ertoe kan leiden dat de snoeprepen ook gegeten zullen worden door mensen die ze niet nodig hebben. ‘Bijvoorbeeld mensen die gaan fitnessen, of minder dan een uur gaan sporten.’

Met een snoepreep van 25 tot 32 gram heeft een nietsporter al snel te veel suiker binnen. De Wereldgezondheidsorganisatie adviseert om de suikerinname te beperken tot 25 gram per dag.
‘Maar iedereen heeft suiker nodig’, zegt Aelterman. ‘Als je geen suiker eet, ga je dood. Het probleem is dat er ook suiker zit in veel voedingsmiddelen waar je het niet verwacht. Door de textuur ga je niet veel eten van pâte de fruits. In tegenstelling tot een snoep met gelatine smelt het in je mond, waardoor je sneller een verzadigd gevoel hebt.’

Snoep met sportdrank
Van Dyck reed in de paasvakantie met wielervrienden ParijsRoubaix. In zijn achterzak zaten geen fruitsnoeprepen. ‘Het klinkt misschien gek uit de mond van een sportdiëtist, maar ik ga naar de Colruyt en koop daar een halve kilo snoep. Daar ben ik zeven euro aan kwijt. De glucosefructoseverhouding regel ik wel met sportdrank.’

‘We zitten heel dicht bij een verhouding tussen glucose en fructose van 2 op 1. Voor sporters is dat ideaal’ | Luc Aelterman, zaakvoerder Confidas

Artikel van Redacteur Dries De Smet voor De Standaard (lees het online)